De basis
19 januari 2007

Vorige week zaterdag maakte Groen! haar lijsttrekkers en andere verkiesbare kandidaten voor de federale verkiezingen van juni 2007 bekend. Interessant genoeg focuste de pers vervolgens niet op de kandidaten zelf, maar wel op de door Groen! gevolgde procedure om tot de uiteindelijke kieslijsten te komen. Die procedure is zo ongewoon in het politieke landschap dat wat uitleg erbij op zijn plaats is.

Begin december 2006 kwamen de ledencongressen van de partij een eerste keer bijeen in de aanloop naar de verkiezingen. In een open stemronde verkozen ze per kieskring twee vrijwilligers om met gemandateerde vrijwilligers uit alle andere provincies modellijsten op te maken voor de verkiezingen. Aan dit interprovinciaal pollcomité werden nog de voorzitters van de partij, het partijbestuur en de politieke raad plus de partijsecretaris toegevoegd. Niet de partijtop maar wel vrijwilligers uit het hele land vormden dus de ruggengraat van het pollcomité. De samenstelling van het pollcomité bleek behoorlijk representatief voor de partij: jong en oud, mandatarissen en gewone leden, kopstukken en nieuwelingen.
Het mandaat vanuit de provincies was simpel: benut de meerwaarde van de eerder goedgekeurde interprovinciale werkwijze. Geef alle kandidaten een objectieve kans, ook zij die minder bekend zijn. Trek een streep onder de ideologische discussies over donkergroen of lichtgroen, kartel of niet. Kijk vooral naar de politieke kwaliteiten van zij die kandideren voor een plek in het parlement en definieer die kwaliteiten zo breed mogelijk. Probeer in de mate van het mogelijke ook evenwicht na te streven binnen de verhoopte fractie: mannen en vrouwen, verschillende velden van expertise, diversiteit, enzovoort.

Bijna zestig kandidaten dienden hun kandidatuur in voor een verkiesbare plaats op de kieslijsten. Een pak jonge sterkhouders uit de partij, een aantal ervaren rotten uit de middengeneratie, een hoop lokaal bekende mandatarissen en ook een paar onverwachte namen uit het bredere groene middenveld.
Een examen organiseren was niet aan de orde – dit was geen sollicitatie voor een bedrijfsfunctie, wel voor een zichtbare politieke functie. Maar omdat niet alle mensen van het pollcomité alle kandidaten kenden wilden we hen allemaal en ook onszelf wel een eerlijke kans geven. Daarom beslisten we om in een eerste tussenstap alle kandidaten de gelegenheid te geven om zich persoonlijk voor te stellen, hun visie te geven over de federale politiek, hun eigen ambities toe te lichten en een korte nota te schrijven over hoe zij de toekomst van een groene partij zien.
Op basis van die verkennende ronde organiseerde het pollcomité een tweede gespreksronde. Alle eerder getipte topkandidaten werden geshortlisted, maar ook een aantal minder bekende en nieuwe gezichten. Een hele dag lang werden met de mensen van die shortlist gesprekken gevoerd. Dankzij deze grondige voorbereiding was het in een derde fase mogelijk samen te beslissen welke mensen de beste kandidaten waren voor welke plaats op de lijst. Alle geschikte kandidaten kregen een verkiesbare plaats – geen geringe prestatie voor een partij met zicht op slechts een beperkt aantal mandaten. De opgemaakte modellijsten stralen bovendien diversiteit en openheid uit: donkergroenen en lichtgroenen, kartellisten en anti-kartellisten, bekende gezichten en ‘goed bewaarde geheimen’ staan naast mekaar. De lijsttrekker voor de kieskring Leuven, bijvoorbeeld, komt niet uit de klassieke partijkringen, de tweede plaats op de senaatslijst ging naar een kandidaat zonder lidkaart.

Uit een digitale lezerspeiling van DS blijkt dat een meerderheid van de deelnemende lezers het een goed idee vindt om kandidatenlijsten op te stellen op basis van dit soort grondige evaluaties. Het gaat immers om een belangrijke taak met grote verantwoordelijkheid. Op zaterdag 13 januari beaamden ook de leden van Groen! dit. Zoals eerder afgesproken legde het pollcomité toen op een nationaal ledencongres de modellijsten ter goedkeuring voor aan alle provincies. De manier waarop de leden van het pollcomité hun ontwerp voorstelden – als een weloverwogen voorstel vatbaar voor discussie – werd positief onthaald. De transparantie en de professionalisering bij het opstellen van dit voorstel werd naar waarde geschat. In alle provincies werden de modellijsten voor de Kamerverkiezingen bij de eerste stemronde met een grote meerderheid goedgekeurd. Slechts in één provincie werd een kleine wijziging gevraagd. Ook het voorstel voor de nationale kieskring werd met grote eenstemmigheid goedgekeurd.

De basis kreeg zo tweemaal een grote inbreng: bij het goedkeuren én bij het opstellen van de modellijsten. De gevolgde methode dient geëvalueerd, maar over het resultaat leeft groot enthousiasme binnen Groen! Gezocht werd naar de meest democratische werkwijze om binnen de partij van onderop mee te beslissen wie gaat voor een parlementaire functie. Het is tot nader orde de beste manier om heel dicht te komen bij wat leeft in de partij.

Manu Claeys
voor het voltallige interprovinciaal pollcomité (in alfabetische volgorde):
Magda Aelvoet, Luc Barbé, Joost Cammaert, Manu Claeys, Luc Denys, Vera Dua, Riet Gillis, Eloi Glorieux, Vera Hendrickx, Rudi Reynaert, Louis Schoofs, Bernadette Stassens, Maarten Tavernier, Peter Van Hove, Filip Watteeuw, Jos Wouters
(verscheen in Inzine 46 op 19 januari 2007)